Welke kernopdrachten?

Uit Eerstelijnszones
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Poster kernopdrachten
Poster kernopdrachten
Traject zorg- en ondersteuningsnood
Traject zorg- en ondersteuningsnood

In de bestaansreden van de ELZ zitten twee kernopdrachten vervat, namelijk enerzijds preventie, zorgen en ondersteunen en anderzijds een community creëren.

De pioniers hebben de eerste kernopdracht nauwer onder de loep genomen en zijn gaan kijken naar een typologie om de “orders ” die men kan onderscheiden. Men kijkt met andere woorden of er vragen voor zorg en ondersteuning zijn die kunnen worden geordend volgens bepaalde criteria. Zodanig dat men aan de hand van concrete casussen kan bepalen of er al dan niet samenwerking nodig is op het terrein dan wel kan worden doorverwezen naar één aanbieder.

De typologie heeft men opgebouwd met onder andere volgende criteria:

  • het type probleem kan fysisch, sociaal, psychisch of existentieel zijn;
  • graad van urgentie: dringend en niet dringend;
  • aard van de zorgvraag: chronisch en acuut;
  • type relatie: herstel eindig, nazorg eindig en onderhoud continu;
  • plaats: thuis of op locatie;
  • regisseur van de zorg: persoon, mantelzorger, professional of meerdere.

Op deze manier tracht men aan de hand van enkele casussen een duidelijk beeld of afwegingskader op te bouwen met de deelnemers van het forum rond volgende vragen: wanneer is er samenwerking nodig? Wanneer volstaat afstemming en/of wanneer kan zorg volledig zelfstandig (zonder samenwerking of afstemming) worden gerealiseerd.

Voorbeelden[bewerken | brontekst bewerken]

Twee voorbeelden kunnen dat verduidelijken.

Voorbeeld 1[bewerken | brontekst bewerken]

In een gezin met kinderen wordt één van kindjes ziek, de peuter kan niet naar crèche en beide ouders moeten naar het werk. In dat geval is de ondersteuningsnood sociaal, urgent (crisis), kortdurend en herstel-eindig, thuis en in regie van het gezin. Op de vraag of er samenwerking nodig is tussen zorgverstrekkers is het antwoord negatief. De zorg kan worden verstrekt door één aanbieder in de regio. In dat geval wordt doorverwezen naar de aanbieder(s) in de regio, zoals ook onder in de figuur wordt weergegeven.

Voorbeeld oppas voor kind

Voorbeeld 2[bewerken | brontekst bewerken]

In een andere situatie heeft één van de partners van een gezin met drie kinderen een ongeval op het werk gehad, met als gevolg een been- en heupbreuk. De combinatie tussen de kinderen naar de crèche en kleuterklas brengen en halen, het verzorgen van de partner, het verrichten van huishoudelijk werk en tegelijkertijd aan de eisen voldoen op het werk waar een internationale beurs wordt voorbereid die maakt dat men weinig gas kan terugnemen. Dit alles vergt het uiterste van het gezin. Ze slagen er niet in om de eindjes aan mekaar te knopen. De ELZ gaat mee op zoek naar een oplossing:

  • de nood is zowel fysiek, psychisch als existentieel ;
  • het is een vraag naar informatie (wat bestaat er) én naar ondersteuning (wat is er mogelijk);
  • het is niet dringend ;
  • het zal opgepakt worden door een combinatie van zelfzorg (het gezin en partners), professionele zorg (o.a. thuiszorg, gezinsondersteuning) en mantelzorg (ouders en buren die inspringen);
  • de aanpak die eruit voortvloeit vraagt een multidisciplinaire alsook interdisciplinaire aanpak ;
  • de zorg en gezinsondersteuning gebeurt binnen de thuiscontext.
Voorbeeld ongeval

Op die manier tracht men vragen (orders) die samenhorig zijn te herkennen en vooral af te bakenen wanneer samenwerking nodig is op niveau van de ELZ. Dit is een zoektocht en ongetwijfeld zullen de afwegingskaders, op basis van de praktijkervaring, nog evolueren in de tijd.

Video[bewerken | brontekst bewerken]